© alle rechten voorbehouden – H van der Vegt


 
 
  De standaard van de nonduif.

       
predikaat
Land van oorsprong: Nederland ( veredeld in Engeland )
 
ALGEMEEN VOORKOMEN
middelgroot, compact en afhellende houding
 
RASKENMERKEN:
 
type:
compact
stand:
middelgroot, afhellend
kop:
fraai gerond, schedel breed en vlak tot aan de kap
kap:
kap hoog geplaatst, zeer breed en hoog, vertikaal gedragen
kapstructuur:
vol en rijk van veren met een goed gesloten nekvulling (pakking)
ogen:
parel kleurig iris, niet uit springend

oogranden:

smal, donker bij zwart en de blauwe nonduif, bij dun kleurige nonduif lichtgrijs, en bij de rode en gele nonduif bleek tot vlees kleurig
snavel:
bijna middel lang, krachtig en goed gesloten, nagenoeg horizontaal gedragen, bij zwart en de blauwe nonduif, zwart achtige hoornkleurig, en bij de rode en gele nonduif vleeskleurig
keel:
goed uitgesneden
hals:
middel lang en krachtig, vrijwel recht gedragen
borst:
zeer breed vol gerond en voor uit springend
buik:
kort doch goed ontwikkeld
rug:
breed tussen de schouders, afhellend naar de staart
vleugels:
krachtig, breed en niet te lang, goed gesloten gedragen
staart:
kort tot zéér kort, goed gesloten en in het verlengde van de rug aflopend, bijna de grond rakend
benen:
vrij kort en stevig, loopbenen onbevederd
bevedering:
glad aan liggend
   
erkende kleurslagen:
zwart, dunkleur, rood, geel, blauw, blauwzilver, aszilver

De kleuren intensief, respectievelijk zuiver. De kop gekleurd tot aan de binnenzijde van de kap, binnen zijde van de kap geheel wit, de grote gekleurde slab vanaf de aanzet van de kap op de wangen met een fraaie ronde, tot diep op de voorzijde van de hals ( max: tot begin borstbeen). De staart, inclusief boven en onderstraart dek en aan elke vleugel tenminste 7 aan een gesloten buitenste slagpennen gekleurd

 
fouten:
te lang lichaam of staart, smalle borst, te vlake stand, te langwerpige of smalle kop, smalle, te korte, te laag aangezette of teveel achterover hellende kap, kap rozetten, afwijkende oog kleur, te kleine slab, naar de nek door lopende slab, minder dan 7 gekleurde slagpennen, blauwe aanslag bij de rode en schimmel bij de andere kleur slagen van de nonduif
 
BEOORDELING VAN DE NONDUIF:
Na het algemeen voorkomen zijn de volgende raskenmerken in onderstaande volgorde van betekenis
 
TYPE EN STAND
KOP EN KAPSTRUCTUUR
OOGKLEUR EN OOGRANDEN
KLEUR EN TEKENING
CONDITIE
ringmaat 8 mm
groep: tuimelaars